Nederland maakte gas bewust duurder – en legde dat vast in het EU-coronaherstelplan
Wopke Hoekstra: eerst in Den Haag en nu in Brussel aandrijver van klimaatbeleid. Bron afbeelding: EPP / Flickr.
Nederland kan €5,4 miljard uit een Europees coronaherstelfonds ontvangen. Maar 55 procent van het Nederlandse plan gaat naar klimaatdoelen en 26 procent naar digitalisering. Aan de uitbetaling zijn hervormingen en mijlpalen verbonden, waaronder de energiebelasting. Wie zich in dit dossier verdiept, loopt tegen de ene na de andere verrassing aan.
Belasting op aardgas
73 cent belasting op één kubieke meter aardgas. Dat is het tarief dat de Rijksoverheid voor 2026 vermeldt, inclusief btw. Maar het opmerkelijkste aan dit dossier is niet dat Nederland binnen het Herstel- en Veerkrachtplan (HVP) een reële verhoging van enkele centen heeft afgesproken. Het is dat de ruimte om de gasbelasting daarna weer verder te verlagen mede is gekoppeld aan Europese afspraken en aan de uitbetaling van herstelgeld.
Kan Den Haag nog wel aan belastingknop draaien?
Dat werd vorige week zichtbaar in de Tweede Kamer. NU.nl berichtte over verbazing in de Kamer nadat ChristenUnie-Kamerlid Pieter Grinwis bij een poging om de belasting op aardgas te verlagen op de afspraken uit het Nederlandse Herstel- en Veerkrachtplan stuitte. Daarmee werd een technisch Europees dossier plotseling een heel concrete vraag: hoeveel vrijheid heeft Den Haag nog om deze belastingknop terug te draaien?
Arno Wellens
Daarna zette financieel journalist Arno Wellens de constructie verder uiteen in ‘Energierekening gedwongen omhoog’. Hij beschrijft hoe de Nederlandse energiebelasting is verweven met het HVP. Wie vervolgens de onderliggende overheids- en EU-documenten erbij pakt, ziet hoe die afspraak tot stand kwam en welke financiële voorwaarden eraan zijn verbonden.
Eerste verrassing: ‘Coronaherstelfonds’ gaat amper over corona-zorg
De naam klinkt alsof het geld vooral bedoeld is om de schade van de pandemie te herstellen. Het fonds is inderdaad tijdens de coronacrisis opgericht. Maar kijk naar het Nederlandse bestedingsplan: 55 procent gaat naar klimaatdoelstellingen en 26 procent naar digitalisering. De Rijksoverheid zegt het zelf: ‘Het meeste geld gaat naar klimaatmaatregelen en digitalisering.’ De Europese Commissie bevestigt voor het huidige Nederlandse plan €5,4 miljard aan subsidies en 55 procent klimaatuitgaven.
Lees ook: Nederlanders dreigen op te draaien voor Spaanse pensioentekorten
Coronafinds draait vooral om windturbines
Gezondheidszorg ontbreekt niet: zo wordt de IC-capaciteit in 54 ziekenhuizen versterkt. Maar zorg is slechts één van zeven beleidsterreinen. Wind op zee, spoorbeveiliging, digitalisering, woningmarkt, arbeidsmarkt en fiscale hervormingen zitten er óók in.
Dus ja: een Europees fonds dat uit de coronacrisis voortkwam, werd in Nederland voor een groot deel een klimaat- en digitaliseringsprogramma.
Tweede verrassing: de gasbelasting kan niet zomaar verder omlaag
Op 8 juli 2022 diende kabinet-Rutte IV het Nederlandse plan in. Eén van de hervormingen daarin is de energiebelasting. De beleidsrichting is expliciet: aardgas relatief duurder maken en elektriciteit goedkoper, om minder fossiele energie te gebruiken en verdere elektrificatie te stimuleren.
Nederland legde het zelf vast: aardgas duurder maken en elektriciteit goedkoper. Bron: Definitief Nederlands Herstel- en Veerkrachtplan
Nederland verbindt zichzelf aan minimum
In de actuele Europese documentatie staat voor 2026 nog steeds een meetbare ondergrens: de belasting in de eerste schijf voor aardgas moet in reële termen minimaal 3,5 eurocent per m³ hoger liggen dan in 2023; elektriciteit minimaal 3,5 eurocent per kWh lager. Die 3,5 cent verklaart nadrukkelijk niet het totale gastarief van 73 cent. De belangrijkere consequentie is dat Nederland zich aan een minimumuitkomst heeft verbonden. Daar zit de kern: niet dat “Brussel” de volledige Nederlandse gasbelasting bepaalt, maar dat Nederland zelf een deel van de toekomstige speelruimte rond de energiebelasting heeft vastgelegd in het HVP.
Derde verrassing: Nederland bedacht dit zelf – maar kan er niet vrijblijvend van af
Het is te simpel om te zeggen dat ‘Brussel Nederland dwong’ de gasbelasting te verhogen. Nederland zette de hervorming zelf in zijn HVP. Maar nadat de EU-ministers van Financiën het Nederlandse plan hadden goedgekeurd, werden de mijlpalen en doelstellingen voorwaarden voor uitbetaling.
Afwijken leidt tot minder EU-steun
De discussie waarover NU.nl vorige week berichtte, laat zien wat dat praktisch betekent. Het kabinet schreef eerder zelf aan de Tweede Kamer dat een verdere verlaging van de energiebelasting op aardgas binnen de HVP-afspraken niet mogelijk is zonder financiële consequenties. Afwijken kan volgens het kabinet leiden tot een korting die kan oplopen tot €600 miljoen per mijlpaal. Dat staat in de officiële beantwoording van Kamervragen.
De kern van de HVP-afspraak: Nederland koppelde de energiebelasting aan Europese mijlpalen. Verdere verlaging van de gasbelasting kan financiële gevolgen hebben. Bron: Officiële beantwoording Tweede Kamer
Beperkte speelruimte
De Europese Commissie beoordeelt vóór uitbetaling of de afgesproken mijlpalen en doelen zijn gehaald. De Commissie legt die systematiek zelf uit. En op 7 september 2026 meldde het kabinet dat het vierde Nederlandse betaalverzoek van €661 miljoen positief was beoordeeld. De eerste drie verzoeken, samen €3 miljard, waren toen al uitbetaald. Er is wel speelruimte: Nederland heeft het HVP meermaals aangepast, ook in 2026. Maar wijzigen is iets anders dan een afgesproken en beoordeelde hervorming zonder gevolgen terugdraaien.
Vierde verrassing: Nederland geeft veel, maar krijgt weinig
Dan de financiering. Nederland kan maximaal €5,4 miljard uit het eigen HVP ontvangen, mits de afgesproken mijlpalen en doelen worden gehaald. Tegelijk bedroeg de Nederlandse garantie voor de gezamenlijke NextGenerationEU-schuld oorspronkelijk circa €38,9 miljard. Inmiddels noemt de Algemene Rekenkamer €30,3 miljard als huidig oproepbaar garantiebedrag.
Wat schieten Nederlanders hier mee op?
Een garantie is geen uitgave en de bedragen zijn dus niet rechtstreeks vergelijkbaar. Maar het verschil in omvang roept wel een wezenlijke vraag op: welk publiek belang staat voor Nederlandse burgers tegenover het financiële risico en de beleidsvoorwaarden die Nederland binnen deze constructie heeft aanvaard?
Nederland kan maximaal €5,4 miljard uit het eigen HVP ontvangen; de Nederlandse NGEU-garantie bedroeg oorspronkelijk €38,9 miljard en is nu €30,3 miljard oproepbaar. Bron: Algemene Rekenkamer
En wie niet van het gas áf kan?
Hier wordt een abstracte Brusselse afspraak ineens heel concreet. Een prijsprikkel kan gedrag veranderen als iemand kán kiezen. Een huiseigenaar met voldoende geld kan isoleren of investeren in een warmtepomp. Een huurder is afhankelijk van de verhuurder. Een huishouden zonder spaargeld kan niet eerst duizenden euro’s uitgeven om later de lagere gasrekening te incasseren.
Energiearmoede
De cijfers laten zien waarom die keuzevrijheid niet voor ieder huishouden hetzelfde is. CBS en TNO ramen dat in 2025 ongeveer 503.000 huishoudens – 6 procent – met energiearmoede te maken hadden. Een gemiddeld huishouden besteedde bijna 5 procent van het inkomen aan energie; bij energiearme huishoudens was dat bijna 12 procent. Huishoudens met een laag inkomen en hoge energiekosten kwamen gemiddeld €624 per jaar tekort om onder de energiearmoedegrens te komen.
Wie veel betaalt aan stroom en gas, kan niet verduurzamen
Daar wordt zichtbaar wat Clintel eerder de ‘klimaatfuik’ noemde: mensen met voldoende financiële ruimte kunnen investeren in isolatie, zonnepanelen of een warmtepomp en zo hun gasverbruik terugdringen. Mensen zonder die ruimte, huurders die afhankelijk zijn van hun verhuurder en bewoners van moeilijk te verduurzamen woningen hebben die uitweg veel minder. Zij kunnen daardoor juist langer afhankelijk blijven van de energiebron die het beleid bewust duurder maakt. Daarmee is de verschuiving van belasting van elektriciteit naar gas niet alleen een klimaat- en energiebeleidsmaatregel, maar ook een verdelingsvraagstuk.
En dan duikt Wopke Hoekstra weer op
Op de hoofdfoto uit april 2023 zien we Rutte en Kaag vooraan en toenmalig vicepremier Wopke Hoekstra op de achtergrond. In 2023 vertrok Hoekstra naar Brussel als Europees commissaris voor Klimaatactie. Sinds 2024 is hij commissaris voor Klimaat, Nettonul en Schone Groei – én verantwoordelijk voor belastingen.
De taken van Hoekstra
En kijk naar zijn officiële opdracht. Hoekstra moet volgens de Europese Commissie ‘de uitvoering van het klimaat- en energiekader voor 2030 controleren en ondersteunen’. Daarnaast moet hij werken aan een gelijk speelveld voor energiebelasting en belastingmaatregelen inzetten om het gebruik van schone technologie te stimuleren.
Indiener van plan beheert nu in Brussel het dossier
Zijn kabinet (Team Hoekstra) bevat bovendien expertise voor energiebelasting; binnen het team valt ook de Recovery and Resilience Task Force onder de bredere verantwoordelijkheden van een kabinetslid. Dat maakt Hoekstra niet persoonlijk de controleur van het Nederlandse HVP. Wel is de cirkel opvallend: de voormalige vicepremier uit het kabinet dat het plan indiende, beheert nu in Brussel precies de dossiers klimaat, energiebelasting en uitvoering van het Europese klimaat- en energiekader.
Het staat er echt
Misschien is dát de rode draad door dit dossier. Geen van deze onderdelen is geheim. De Rijksoverheid zegt dat het meeste Nederlandse herstelgeld naar klimaat en digitalisering gaat. Nederland nam zelf de hervorming van de energiebelasting op in het HVP. Uitbetaling is gekoppeld aan mijlpalen. Een verdere verlaging van de gasbelasting kan daardoor financiële consequenties hebben. En tegenover maximaal €5,4 miljard voor het Nederlandse HVP staat binnen NextGenerationEU een Nederlandse garantie die oorspronkelijk circa €38,9 miljard bedroeg.
Nederland bezorgt zichzelf problemen
Over de politieke wenselijkheid van deze keuzes kan verschillend worden gedacht. Maar wie wil begrijpen waarom de gasbelasting niet eenvoudig verder omlaag kan, moet verder kijken dan het jaarlijkse Belastingplan. Een deel van het antwoord ligt in een Europees coronaherstelprogramma waarin Nederland zelf beleidsvoorwaarden heeft vastgelegd – en waarvoor de financiële verhoudingen veel groter zijn dan alleen de €5,4 miljard die Nederland uit het eigen plan kan ontvangen.
Dit artikel verscheen eerder op clintel.nl
Bestel kosteloos: Groen is het nieuwe rood (eBook)
Het rode communisme is niet verdwenen na de Koude Oorlog. Het heeft als een kameleon een groene kleur aangenomen. Met hetzelfde doel: totale staatscontrole en de afschaffing van privé-eigendom. Groen is het nieuwe rood is het eerste Nederlandse boek dat de Groene Lobby volledig ontmaskert en laat zien hoe deze het milieu misbruikt voor een revolutie!
Laatst bijgewerkt: 1 oktober 2026 10:14